Eerst overleven, dan vergeven
Vraag me niet naar spijt. Vraag me naar mijn pijn. Onuitgesproken maar voelbare pijn. Zichtbaar voor de mens die aanwezig durft te zijn. Durft toe te kijken. In stilte. Meehuilt.
Vraag me niet naar spijt. Vraag me naar mijn pijn. Onuitgesproken maar voelbare pijn. Zichtbaar voor de mens die aanwezig durft te zijn. Durft toe te kijken. In stilte. Meehuilt.
Onze blikken verstrengelden met elkaar. Ze hoopte waarschijnlijk dat ik het niet zou vragen. Ik deed het toch. Ik had het nodig; iets tastbaars van wat voor altijd onzichtbaar zou blijven.
‘Geen tijd! Geen tijd! Hoezeer het mij ook spijt!’ riep het konijn met het horloge. Geen tijd om te helen. Geen tijd om te huilen. Geen tijd om stil te staan. Geen tijd om terug te blikken. Geen tijd!
Wat een eeuwigheid leek te duren, zal niet meer dan enkele minuten in beslag hebben genomen. Vertraagde tijd. Wanneer het lichaam besluit het over te nemen. In de vorm van een vlijmscherpe, verlammende, nietsontziende pijn.
Het leven noch de dood komt onaangekondigd. We wisten het allebei. Mijn onzichtbare kind en ik. Dat hij niet geboren zou worden. Dat er een ervoor én erna zou ontstaan.
Voorjaar 2019 Het voorjaarsweer in Zweden was onvoorspelbaar. Het varieerde van herfststormen in de ochtend tot zacht lenteweer in de middag. Van bloedhete zomerse dagen tot winterse sneeuwbuien de volgende dag. Het maakte mij allemaal niet uit, als ik maar een plek had om te schrijven. Een plek om al Lees verder
Voorjaar 2018 Waarom kooien mensen vogels? Vogels moeten toch vrij kunnen vliegen om hun lied te zingen. Een lied bij zonsopgang; om de overgang van de nacht naar de dag te vergezellen. Het moment van tussenin. Wanneer onze dromen hun laatste hoop uitspreken, voordat ze worden vergeten in de waan Lees verder
Op blote voeten betreed ik de grond waar de sluier tussen de werelden – waar ik mij niet voorbij mag bewegen – wappert in de wind als een laken aan de waslijn. Het hoge gras streelt mijn vingertoppen, niet andersom, terwijl de ondergaande zon haar laatste gloed over de dag Lees verder
Neneh. Oma. Mijn voeten staan op heilige grond. Jouw grond. De grond van onze voormoeders. De grond van Tanah Toraja, Indonesia. Daar, waar jij je oudste zoon ter wereld bracht. Hij zal nooit meer terugkeren. Sudah! Ach! Geeft niet. De voormoeders roepen om een dochter. Putri! Ik word ontboden. Fluisteringen in de wind duwen en Lees verder